“Ik kan het wel hoor, verstand op nul en blik op oneindig, en dan gewoon een flinke periode doorbuffelen”, zei ze – mijn cliënt, 39 jaar, single moeder, werkzaam op de financiële afdeling van een groot productiebedrijf. Ze is al een hele tijd niet meer zo blij met haar baan. Haar onvrede zit vooral in de visie van de organisatie, en in de leiderschapsstijl van haar nieuwe manager. Dus wat doet ze? Verstand op nul, en doorgaan. Zoals ze meestal doet bij tegenslag of weerstand.
In een eerder gesprek stonden we al stil bij haar waarden. Voor haar zijn persoonlijke ontwikkeling, zingeving, vertrouwen, vrijheid en zeggenschap van groot belang. Haar éigen waarden die ze in haar persoonlijke leven hoog houdt. En dus ook graag in haar werk terug zou willen zien. Helaas scoren ze in haar huidige baan maar slecht; als we een rapport opmaken krijgt zingeving een 2, inspiratie een 1, vertrouwen een 5….. een recept voor onvrede en een risico op uitval, als je het mij vraagt.
We grepen terug op de waarden waarmee ze is opgevoed. Structuur, regelmaat, veiligheid en gehoorzaamheid; dat waren de eerste woorden die bij haar op kwamen. Luisteren naar wat er gezegd werd, door met name haar vader – dat was vroeger thuis het devies. En terwijl ze het vertelde, zag ze de samenhang opdoemen. Braaf doen wat er van je gevraagd wordt, hard werken in plaats van gehoord worden, meedenken, bijdragen. Soms is dat nodig en prima, maar niet altijd, te veel, te lang. Je loopt jezelf dan voorbij, en je vervreemdt van je eigen waarden en wat je zelf belangrijk vindt. En opeens zag ze het patroon.
Nou zijn patronen er niet voor niets. Vaak zijn ze handig en praktisch. Als je bij iedere stap moet nadenken over hoe je je ene voet voor je andere zet, zit je ’s avonds immers totaal uitgeput aan de eettafel. Gedachteloos iets doen, en dat volhouden. Maar waak voor de valkuil die een patroon óók kan zijn. De valkuil van gemak, structuur en regelmaat – terwijl je daar zelf niet eens zoveel waarde aan hecht. Het oude patroon, dat vroeger misschien paste en dienend was, maar nu niet meer.
De schellen vielen haar van de ogen, en ze zag het ineens heel scherp: Tijd voor iets anders! Ander gedrag, om mee te beginnen. Zich weer wat meer laten horen in haar team. Het gesprek aangaan met haar manager, om samen te kijken naar wat er anders kan. Beter, prettiger, passender. En ook om, als dat niet kan, samen vast te stellen dat het tijd wordt voor een andere baan. Dat gesprek aangaan is eng en spannend, zeker. Buikpijn kun je er van krijgen. Maar ach, die buikpijn heeft ze nu ook al een hele tijd. Van dat “verstand op nul, blik op oneindig en doorbuffelen”…